Summary
Dutch to German:   more detail...
  1. schommeling:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for schommeling from Dutch to German

schommeling:

schommeling [de ~ (v)] noun

  1. de schommeling (zeegang; wiegeling; deining)
    der Seegang; die Dünung; der Tumult; der Wellengang; der Wellenschlag; Treiben; die Sintflut

Translation Matrix for schommeling:

NounRelated TranslationsOther Translations
Dünung deining; schommeling; wiegeling; zeegang deining; golfslag; omslaan van golven; op en neer bewegen
Seegang deining; schommeling; wiegeling; zeegang zeegangen
Sintflut deining; schommeling; wiegeling; zeegang zondvloed
Treiben deining; schommeling; wiegeling; zeegang activiteit; bedrijvigheid; beroering; drijven; drukte; geraas; grote menigte; heibel; heksenketel; klopjacht; kouwe drukte; lawaai; leven; opschudding; pandemonium; razzia; roerigheid; rommelig gedoe; rumoer; toeloop; tumult; veel mensen
Tumult deining; schommeling; wiegeling; zeegang drukte; gedruis; herrie; kabaal; kouwe drukte; lawaai; leven; ophef; oproer; opstand; opstootje; rel; rumoer; spektakel; tumult; volksoproer; vuistgevecht
Wellengang deining; schommeling; wiegeling; zeegang golfslag; omslaan van golven
Wellenschlag deining; schommeling; wiegeling; zeegang golfslag; omslaan van golven

Related Words for "schommeling":

  • schommelingen

Wiktionary Translations for schommeling:


Cross Translation:
FromToVia
schommeling Fluktuation; Schwankung fluctuation — wavering; unsteadiness
schommeling Schwankung fluctuationvariation, défaut de fixité, de permanence.